
“In het Buijtenland van Rhoon wordt vanaf 2018 natuurinclusief geteeld en er is nu al een significant verschil te zien. Iryna: “Als je de velden teruggeeft aan de natuur, komt de natuur terug.”
Insectenonderzoek toont aan dat zonder te spuiten dezelfde opbrengst mogelijk is
Ken je de zwarte tentjes nog in het Buijtenland van Rhoon? Die waren onderdeel van het onderzoek van Iryna Litovska van Wageningen University & Research naar insecten en de impact van natuurinclusieve landbouw op de biodiversiteit. Na vier jaar onderzoek zijn de eerste resultaten bekend en die zijn verrassend. Natuurinclusieve landbouw trekt meer insecten aan dan reguliere landbouw, maar dat gaat niet ten koste van de opbrengst. Een hoopvolle uitkomst.

Wat is natuurinclusieve landbouw?
Natuurinclusieve landbouw betekent een uitbreiding van het teeltplan, meer vlinderbloemige- en rustgewassen, stoppen met het gebruik van insecticide en extra natuurmaatregelen. Natuurverrijkende elementen zoals natuurvriendelijke oevers, hoogstamboomgaarden, kruidenrijk grasland en wintervoedselvelden dragen bij aan de biodiversiteit. Onderzoeker Iryna Litovska onderzocht wat het effect van deze maatregelen is op insecten.
Iryna: “De hoeveelheid en kwaliteit van de aardappelopbrengst verschilde niet significant tussen de twee landbouwsystemen.”

Verschil tussen gangbare en natuurinclusieve teelt
Onderdeel van het onderzoek was het plaatsen van zwarte tentjes in verschillende gewassen en natuurpercelen om zo het aantal insecten te meten. Daarnaast onderzocht ze het verschil in biodiversiteit tussen gangbare aardappelteelt in de Hoeksche Waard en natuurinclusieve aardappelteelt in het Buijtenland van Rhoon. De resultaten zijn verrassend: in de natuurinclusieve teelt zijn meer insecten waargenomen dan in de gangbare teelt, maar de opbrengst per hectare blijft hetzelfde. Het niet spuiten van insecticide heeft dus geen nadelige gevolgen voor de opbrengst.
Iryna legt uit: “De hypothese was dat natuurlijk vijanden net zo succesvol zouden zijn in het bestrijden van plaaginsecten als het gebruik van pesticide. Dat bleek inderdaad zo te zijn. In velden zonder insecticidengebruik duurde het even voordat insecten terug kwamen, maar uiteindelijk namen zowel plaaginsecten als natuurlijke vijanden toe en hielden elkaar in evenwicht.”

“In natuurinclusieve landbouw komen meer geleedpotigen voor, zowel meer plaaginsecten, natuurlijke vijanden als andere soorten.”
Welke habitat trekt de meeste bestuivers aan?
Voor haar onderzoek onderzocht ze het aantal bestuivers in verschillende habitats, zoals natuurvriendelijk oevers, dijken, kruidenrijk grasland en natuurinclusieve gewassen zoals huttentut (camelina), koolzaad (oilseed rape), bruine bonen (common bean) en zonnekroon (cup plant).
Natuurvriendelijke oevers en kruidenrijke graslanden trekken duidelijk de meeste diversiteit aan. Bij de gewassen trok zonnekroon de meeste diversiteit in soorten bestuivers aan zoals hommels, honigbijen, zweefvliegen en solitaire bijen.
Daarnaast trof ze bijzondere bijensoorten aan in het gebied zoals de Rosse Metselbij, Roodbruine groefbij en Roodrandzandbij. Die zijn erg zeldzaam in de agricultuur. Een opvallende uitkomst in het onderzoek was dat dijken niet veel, maar wel heel veel verschillende soorten insecten aantrekken. Een dijk kent veel diversiteit zoals water, hoge bomen en diverse plantensoorten, helling, zon en schaduw.
In het Buijtenland van Rhoon wordt vanaf 2018 natuurinclusief geteeld en er is nu al een significant verschil te zien. Iryna: “Als je de velden teruggeeft aan de natuur, komt de natuur terug.”


Gewassen hebben voorkeur voor bepaalde insecten
Interessant is dat verschillende gewassen voorkeur hebben voor bepaalde bestuivers. Het is dus zaak dat er een variatie aan insecten aanwezig is in het gebied: “Daarom is het belangrijk om natuurelementen te hebben zodat er genoeg plekken zijn om de verschillende insecten te bergen. Een combinatie van factoren is nodig: minderen met insecticidegebruik, aanleggen van natuurlijke elementen en het vergroten van diversiteit in gewassen!”
Hoewel de opbrengst op een veld niet verschilt, geven agrariërs natuurlijk wel een deel van hun land op om natuurelementen aan te leggen, waarop ze niet kunnen telen. Op die manier verliezen ze opbrengst. Iryna pleit daarom voor meer financiële steun en samenwerking. “Het zou mooi zijn als er meer subsidie komt voor natuurelementen zoals akkerranden en oevers. Daarnaast zouden agrariërs, net als in de gebiedscoöperatie Buijtenland van Rhoon, kunnen samenwerken met hun buren om de hele omgeving natuurinclusiever te maken. Ze kunnen elkaar versterken door verschillende natuurelementen aan te leggen waar ze allemaal profijt van hebben.”


Dit is het belang van insecten
Misschien een voor de hand liggende vraag, maar toch goed om te stellen. Waarom zijn insecten zo belangrijk? Iryna legt uit: “Insecten zijn een belangrijk onderdeel van de natuur. Bestuivers zijn nodig voor de bestuiving van (eetbare) gewassen, anderen dienen als natuurlijke vijanden voor plaaginsecten of ze woelen de bodem om. Daarnaast zijn ze een grote voedingsbron voor vogels. Ze zijn niet alleen heel belangrijk in de landbouw, maar voor het hele ecosysteem.
In de traditionele landbouw worden pesticides gebruikt als plaagbestrijding. Het nadeel van pesticiden is dat ze naast de plaaginsecten ook de goede insecten doden. Daarnaast zijn ze slecht voor onze gezondheid en voor de bodem.”
Imker ziet effect van biodiversiteit gewassen
Imker Myriam Borger heeft ook baat bij de aantrekkelijke omgeving voor bijen. Haar bijenvolk heeft in tegenstelling tot bij andere imkers tot laat in het seizoen voldoende voedsel tot zijn beschikking. Dankzij het aangepaste teeltplan zijn in het Buijtenland van Rhoon tot laat in het jaar bloeiende gewassen. Er is genoeg aanbod waar de bijen veel profijt van hebben.
Insectenetende vogels
Op dit moment schrijft Iryna Litovska het laatste hoofdstuk van haar proefschrift. Dat gaat over insectenetende vogels, zoals kieviten, en wat voor invloed de omgeving heeft op deze vogels. Dit doet ze in samenwerking met Sovon Vogelonderzoek Nederland.
Vervolgonderzoek
Uit haar onderzoek zijn interessante inzichten gekomen die ze graag verder zou willen onderzoeken. Bijvoorbeeld hoe de mate van bestuiving door een insect invloed heeft op de kwaliteit en kwantiteit van de opbrengst van een gewas. De hypothese is dat sommige plantensoorten die vaker zijn bestoven, hebben vaak meer oogst en die is van betere kwaliteit. Dit kan dat een interessant economisch perspectief zijn voor een ondernemer om meer natuurinclusief te gaan telen.



